Chris van Huis - Horlogemaker

Wie ben Ik?

Van technologie naar het werk aan de werkbank

Mijn weg naar het horlogemakersvak begon niet met het idee dat ik ooit horlogemaker zou worden.

Jarenlang werkte ik in de technologie. Ik bouwde teams, hielp mensen groeien en had een succesvolle carrière. Toch merkte ik gaandeweg dat succes en ergens op je plek zijn niet noodzakelijk hetzelfde betekenen.

Horloges waren ondertussen al jaren een fascinatie. Niet zozeer vanwege wat er aan de buitenkant te zien is, maar juist vanwege wat er onder de wijzerplaat gebeurt: tientallen kleine onderdelen die samen iets uitzonderlijk precies en betrouwbaar kunnen maken.

Die fascinatie werd steeds praktischer. Ik begon te lezen, oefenen, cursussen te volgen en steeds complexere uurwerken te onderhouden. Uiteindelijk besloot ik mijn carrière in technologie achter me te laten en me volledig op het horlogemakersvak te richten.

 

Dat betekende ook bewust opnieuw beginner worden.

En juist dat spreekt me aan.

Een uurwerk trekt zich niets aan van ervaring, overtuigingskracht of een functietitel. Een onderdeel past of het past niet. Een lager heeft te veel speling of niet. Een uurwerk loopt goed of er is een reden waarom het dat niet doet.

Het vak is eerlijk. En er valt altijd meer te leren. Zoals het motto van Vacheron Constantin luidt: Faire mieux si possible, ce qui est toujours possible. Doe het beter als het kan — en dat kan altijd.

Waarom horlogemaken?

Wat mij aantrekt in horlogemaken is de combinatie van techniek en ambacht.

Een mechanisch horloge kan tientallen jaren functioneren met een hoeveelheid energie die nauwelijks voor te stellen is. Tanden, tappen, veren en lagers werken binnen toleranties die soms in honderdsten van millimeters worden gemeten.

Maar een horloge is tegelijkertijd meer dan een technisch object.

Voor de eigenaar kan het het eerste goede horloge zijn dat hij ooit kocht. Een cadeau. Een herinnering aan iemand. Een erfstuk dat al generaties in de familie is.

Daarom probeer ik een horloge niet alleen weer te laten lopen.

Ik wil begrijpen waarom het niet goed functioneerde, wat nodig is om dat te herstellen en wat verantwoord is voor het uurwerk dat voor mij ligt.

Soms betekent dat onderdelen vervangen. Soms juist behouden. Soms betekent het ook adviseren om iets niet te doen.

Het doel is steeds hetzelfde: zorgvuldig werk leveren waardoor een horloge technisch zo goed mogelijk verder kan, met respect voor wat er oorspronkelijk gemaakt is.

Het verhaal achter Othrys

De naam Othrys komt uit de Griekse mythologie.

Mount Othrys was tijdens de Titanomachy — de strijd tussen de oude Titanen en de jongere Olympische goden — het bolwerk van de Titanen. Kronos, leider van de Titanen en vader van Zeus, behoorde tot die oudere generatie goden.

Aan de andere kant stond Olympus.

Na hun nederlaag namen Zeus en de Olympiërs de macht over en werden verschillende verslagen Titanen naar Tartarus verbannen.

Othrys staat daarmee niet letterlijk voor de god van de tijd. Ook Kronos en Chronos moeten van elkaar worden onderscheiden: Kronos is de Titaan uit de bekende Griekse successiemythen; Chronos is de personificatie van tijd die vooral in andere en latere tradities voorkomt.

Die nuance maakt de naam voor mij eigenlijk interessanter.

Othrys verwijst naar een oudere wereld. Naar generaties die elkaar opvolgen. Naar kennis, techniek en ideeën die worden doorgegeven, veranderd en opnieuw geïnterpreteerd.

Dat heeft veel gemeen met horlogemaken.

Een mechanisch uurwerk is technologie uit een andere tijd die nog steeds relevant kan zijn. Ontwerpen van tientallen of zelfs honderden jaren geleden functioneren vandaag nog omdat generaties makers ze hebben gebouwd, onderhouden, aangepast en doorgegeven.

Daarom past de naam Othrys.

Niet omdat de tijd er volgens de mythologie ooit letterlijk woonde, maar omdat de berg onderdeel is van een oud verhaal over generaties, verandering en wat wordt doorgegeven aan degene die daarna komt.

Geleid door traditie, gedreven door groei

Ik zie horlogemaken niet als een eindpunt.

Hoe meer ik leer, hoe duidelijker wordt hoeveel er nog te leren valt.

Dat is geen tekortkoming van het vak. Het is juist een van de redenen waarom ik ervoor gekozen heb.

Groei vindt plaats aan de grens van wat je al kunt. Soms gaat daar iets mis. Soms moet je opnieuw beginnen. Soms ontdek je dat iets waarvan je dacht dat je het begreep toch ingewikkelder is.

Daar probeer ik niet voor weg te lopen.

Ik wil steeds beter begrijpen waarom een uurwerk doet wat het doet, mijn techniek verfijnen en leren van iedere reparatie die op mijn werkbank komt.

Traditioneel vakmanschap betekent voor mij daarom niet dat alles moet blijven zoals het vroeger was. Het betekent respect hebben voor de kennis die voor ons kwam, daar zorgvuldig mee omgaan en die kennis blijven ontwikkelen.

Een horloge is uiteindelijk een klein mechanisch systeem dat tijd meet.

Maar het kan tientallen jaren meegaan, meerdere eigenaren overleven en herinneringen met zich meedragen die veel groter zijn dan het object zelf.

Mijn werk is ervoor zorgen dat het dat zo goed mogelijk kan blijven doen.

Othrys Watches — waar geschiedenis, techniek en ambacht samenkomen.